Ziet de voorgevel van je woning er wat kaal uit? Met een tegeltuintje geef je niet alleen je woning, maar ook je straat meer kleur.
Tegeltuintjes zorgen bovendien voor meer groen in de straat, verkoeling op warme dagen, een betere infiltratie van regenwater en minder wateroverlast bij hevige regen.
Hoe aanvragen?
- Lees het reglement voor je een aanvraag doet.
- Kijk na of je straat is opgenomen in de lijst van straten waar er een tegeltuin mag worden aangelegd. Je vindt de lijst hieronder.
- Vul het online aanvraagformulier in. Voeg een foto van je gevel en een schets met de locatie en afmetingen van de gewenste tegeltuin toe.
- Als je toelating krijgt om een tegeltuin aan te planten, komen gemeentelijke werklieden de stoeptegels en fundering verwijderen. Zij plaatsen de boord van het plantvak en vullen het met een mengeling van grond en compost. Dit gebeurt altijd in de maanden februari en maart volgend op de aanvraag.
- Eens je plantvak er is, kan je aan de slag met het aanplanten en onderhouden.
Welke voorwaarden gelden er?
Je woning komt niet in aanmerking voor een tegeltuintje op openbaar domein wanneer:
- je woning een voortuin heeft;
- het voetpad 1,20 meter breed of smaller is;
- je woning gelegen is in een straat die niet opgenomen is in de lijst van toegelaten straten.
Daarnaast gelden deze voorwaarden:
- een tegeltuintje mag maximaal 30 cm breed zijn;
- de lengte van het tegeltuintje mag maximaal de helft van de gevelbreedte bedragen;
- gedoornde, giftige en sterk overhangende planten zijn niet toegelaten;
- je engageert je om het tegeltuintje minstens zeven jaar regelmatig te onderhouden.
Lijst van straten waar er een tegeltuin mag aangelegd worden
Eppegem:
- Brusselsesteenweg, vanaf Zenne tot Beekstraat;
- Cardijnstraat
- Martelarenplein
- Rekelstraat
- Kortestraat
- Grimbergsesteenweg (tot Soltaustraat staan de gevels tegen de rooilijn)
- Sint-Clemensstraat
- Zenneweg
Weerde:
- Dorpsstraat
- Binnenweg
- Vredelaan
- Damstraat
Zemst-centrum:
- Stationslaan
- Schoolstraat
- Leopoldstraat
- Hoogstraat (tot Kleempoelstraat)
- Brusselsesteenweg, van huisnummer 2 tot Armstraat
- Kleempoelstraat
- Linterpoortenlaan (van Lindestraat tot Kleine Baan)
Laar:
- Humbeeksebaan
Hofstade:
- Zemstsesteenweg
- Bordekensstraat
- Ossebeemdstraat
- Moniestraat
- Tervuursesteenweg, vanaf Grensstraat tot Zandstraat
- Muizenstraat (deel tegen Tervuursesteenweg)
- Steppeke
- Graaf Cornetstraat
- De Tilbourgstraat
- Nieuwstraat
- Prinsenstraat
Elewijt:
- Tervuursesteenweg, tussen begraafplaats en Barebeek
- Dynastiestraat
- Molenveld
- Molenbeekstraat
- Vekestraat
- Driesstraat
- Wippendries
Hoe leg je een tegeltuin aan?
Heeft je plant een klimhulp nodig, bijvoorbeeld een metalen kabel of raamwerk? Bevestig die dan stevig aan de muur met vijzen en pluggen. Hou ongeveer 5 cm ruimte tussen de muur en de klimhulp zodat de plant ook achter de constructie kan groeien.
Hou er rekening mee dat een volgroeide klimplant behoorlijk zwaar kan worden.
Aanplanten doe je zo:
- Zet de plant vooraf ongeveer een half uur in een emmer water.
- Maak de wortelkluit voorzichtig los.
- Plaats de plant centraal in het plantvak.
- Vul de vrije ruimte eventueel aan met kleine bodembedekkers.
- Maak de klimplant vast aan de klimhulp.
- Geef de plant tijdens de eerste dagen voldoende water.
Welke planten kies je?
De keuze van je beplanting hangt af van de beschikbare ruimte, de hoeveelheid zon of schaduw, de ligging van je gevel en je voorkeur voor wintergroene of bladverliezende planten.
Heb je voldoende ruimte? Dan zijn klimplanten een goede keuze.
Voorbeelden zijn:
- klimop (Hedera);
- wilde hop (Humulus lupulus);
- wilde bosrank (Clematis);
- kamperfoelie (Lonicera);
- wingerd (Parthenocissus);
- klimhortensia (Hydrangea petiolaris);
- indigostruik (Indigofera heterantha 'Gerardiana');
- passiebloem (Passiflora caerulea);
- winterjasmijn (Jasminum nudiflorum);
- doornloze braam (Rubus 'Thornless Evergreen');
- druivelaar (Vitis vinifera).
Liever een lage beplanting? Kies dan bij voorkeur voor wintervaste planten. Wintergroene soorten zorgen het hele jaar door voor een verzorgd uitzicht.
Voorbeelden zijn:
- lavendel (Lavandula);
- ganzerik (Potentilla);
- hertshooi (Hypericum);
- vetkruid (Sedum);
- maagdenpalm (Vinca);
- heide (Erica).
Meer inspiratie vind je in de plantenfiches van Vlaams-Brabant.
Hoe onderhoud je een tegeltuin?
- Een tegeltuin blijft vaak droog omdat de gevel en de dakgoot het regenwater tegenhouden. Geef de planten daarom, zeker in het eerste jaar, regelmatig water, zelfs wanneer het heeft geregend. Gebruik hiervoor zo veel mogelijk regenwater. Zo bespaar je meteen op leidingwater.
- Maak een klimplant regelmatig vast aan de klimhulp. Zo groeit hij beter.
- Probeer de planten zoveel mogelijk hun natuurlijke gang te laten gaan. Vogels houden van dichte struiken en (nuttige) insecten overwinteren tussen dode blaadjes en takken. Zorg wel dat je tegeltuin de vrije doorgang niet hindert. Snoei overhangende takken en houd klimplanten weg van het huis van de buren, uit goten, dakpannen en voor ramen.
- Snoei lentebloeiers na de bloei zodat je de knoppen niet wegknipt. Zomerbloeiers snoei je in het voorjaar, dan krijgen ze meer knoppen.
- Planten putten de bodem uit. Breng daarom jaarlijks een laagje aan van twee centimeter compost. Het verrijkt de bodem met organisch materiaal, gaat verdamping tegen en beschermt de wortels tegen koude.
