Gladheidsbestrijding/strooidiensten

Gemeentewegen

De gemeente houdt haar zoutvoorraad maximaal aangevuld want vanaf november is het winterploegensysteem in werking. Vanaf 4.30 uur kan er worden gestrooid op gemeentewegen, zo nodig ook preventief. Hoofd- en verbindingswegen komen eerst aan de beurt. Afhankelijk van de weersevolutie volgen in de vooravond of late avond nog bijkomende strooibeurten in de hoofdstraten. De volledige ploeg, ongeveer 30 man sterk, is bijna 24 uur in de weer om de Zemstse straten zo berijdbaar mogelijk te houden, ook tijdens het weekend.

Voor rijwegen wordt een zoutstrooier op een vrachtwagen ingezet. Er werd dit jaar extra materiaal aangekocht voor het ijzelvrij maken van de fietspaden. Vanaf nu staan er twee kleinere tractoren klaar om de gewone fietspaden te borstelen en één grotere tractor maakt de bredere fietspaden sneeuw- en ijsvrij. De sneeuw wordt in de berm geduwd of geborsteld. Het is mogelijk dat opritten daardoor een extra laagje sneeuw krijgen. We hopen op het begrip en de medewerking van de inwoners. Voor een vlotte doorgang is het belangrijk dat er geen voertuigen geheel of gedeeltelijk op het fietspad staan.

Gewestwegen

Het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) neemt de gewestwegen voor zijn rekening. Dat zijn in Zemst de N1 (Brusselsesteenweg), de N267 (Damstraat-Schumanlaan-Trianondreef), de N270 (Elewijtsesteenweg) en de N227 (Tervuursesteenweg). Ook AWV strooit preventief en ruimt de fietspaden naast gewestwegen.

Selectief strooien

Waarom wordt er niet gestrooid in woonwijken en doodlopende straten?

Omdat daar te weinig verkeer is. Om strooizout effectief te laten werken, moet het door rijdende voertuigen worden verspreid en vermengd met de sneeuw en het ijs. Als een zoutkorrel ongestoord door de sneeuw- en ijslaag heen kan smelten, tot op de bodem, is hij werkzaam op slechts enkele vierkante centimeter. De voorbije winters lieten sommige gemeentebesturen zich verleiden tot strooien in woonwijken: een verkwisting van zout, geld en mankracht!

Wat kan je zelf doen?

Of beter… moét je zelf doen? Het politiereglement schrijft de burgers voor om ‘…bij sneeuwval en ijzel een voldoende doorgang voor de voetgangers vrij te maken op de verhoogde of gelijkgrondse trottoirs voor gebouwen en bebouwde percelen’. Sneeuw hoop je op aan de rand van het trottoir, niét op de rijweg. Ook rioolkolken en straatgoten maak je vrij. Doe dit ook bij je oude buurvrouw of zieke buurman.

Sla alvast een eigen voorraad strooizout in. Dat kan je kopen in elke doe-het-zelfzaak of grootwarenhuis. De gemeente verkoopt of levert geen strooizout.

Zout, zand of…?

Strooizout is een dooimiddel. Het mengt zich met het water in ijs of sneeuw en vormt zo pekel. De verzadiging bepaalt de bevriezingstemperatuur. Door het strooien zo precies mogelijk te doseren wordt zoutverspilling vermeden. Want zout strooien is niet zonder risico. Pekel reageert sterk op metaal en kan dus de carrosserie van auto’s beschadigen. Het is erg nadelig voor planten en bomen naast de weg en voor vogels en andere dieren die van het smeltwater drinken.

Voor gebruik op grote schaal zijn er niet veel alternatieven voor zout. Zand, grond of steenslag doen de sneeuw niet smelten, ze zorgen enkel voor meer grip. Bovendien komt al dat zand en grind na de dooi in de riolering terecht, waardoor die kan verstoppen. Daarom zijn deze strooimiddelen enkel aangewezen in straten zonder rioolputjes.